Bedtijd

Naar bed.
Niet omdat ik slaap heb,
maar omdat dit zo hoort.
In bed kan ik, door het gewoel van mijn gedachten,
mijn draai niet vinden.
Ik zie de vier rode cijfers vaker,
dan de binnenkant van m’n ogen.
Vermoeid sta ik op.

Het is 5 uur.

Al dolende wacht ik op het eerste ochtendlicht,
het sein dat de wereld ontwaakt.
Omdat dit zo hoort.

Ondanks het slechte slapen,
vraag ik me af wanneer ik wakker word geschud.
Niet omdat dit hoort,
maar om mijn draai te vinden.
Niet om het sein te zien wat de wereld doet ontwaken,
maar om zelf dit sein te geven.
Niet dolende,

Maar uitgerust.